Broedvogelinventarisatie 2010

Dit jaar is voor het negende achtereenvolgende jaar een inventarisatie gedaan van het aantal broedvogelterritoria in de rietlanden van Kockengen.

Het gaat om het volgende gebied:
- de rietlanden langs de Wagendijk tussen dorp en Schutterskade;
- het Polderreservaat;
- de rietlanden langs de Wagendijk tussen dorp en N401;
- de rietlanden ten noorden van de N401 (Joostendam) T27 tot aan het 'eiland in het weiland'.

De methode om territoria te tellen is een door SOVON gestandaardiseerde methode om alle soorten broedvogels in een gebied te inventariseren. De basis is gelegd door 10 inventarisaties, uitgevoerd in de periode maart - eind juni.

>> In het bijgevoegde overzicht zijn de aantallen van dit jaar en van de voorafgaande jaren weergegeven.

Opmerkingen:

Het aantal verschillende soorten blijft op het niveau van vorig jaar en is dus aanmerkelijk groter dan in de jaren daarvoor. Mogelijke oorzaak is dat het gebied wat gevarieerder geworden is, door een toegenomen verruiging (meer struiken) van de rietlanden.

Dit jaar zijn twee soorten voor het eerst als broedvogel geteld. De bosuil is gaan broeden in de twee jaar geleden opgehangen bosuilenkast in de zuidelijke rietlanden. Naar horen zeggen zijn er twee jongen uitgevlogen. De grote bonte specht was regelmatig te zien in het bos van het Polderreservaat, voldoende om mee te tellen als territorium. Het nest zelf zat waarschijnlijk in een boom bij een van de boerderijen langs de Wagendijk.

Na jaren afwezigheid heeft de grauwe vliegenvanger gebroed in het bos van het Polderreservaat. Ook de sperwer heeft daar op hetzelfde nest als vorig jaar gebroed. Van de wat zeldzamere rietvogels waren dit jaar zowel snor (2 broedparen), blauwborst (2 broedparen) als sprinkhaanzanger aanwezig (1 broedpaar). Rietzanger en rietgors deden het weer goed dit jaar, de kleine karekiet blijft qua aantallen nog steeds fors achter bij de aantallen, die pakweg vijf jaar geleden geteld werden. Dit kan ook te maken hebben met de toegenomen variatie in het gebied. Opmerkelijk is daarnaast een forse toename van het aantal territoria van de spotvogel.

Het aantal grauwe ganzen kende een kleine toename in vergelijking met vorig jaar: van 13 naar 15 paren met jongen. Mogelijk (hopelijk!) heeft het gebied ondertussen zijn maximale draagkracht bereikt.

Het waterhoentje was dit jaar maar met 1 broedpaar vertegenwoordigd, normaal zijn dat er 5 of 6. Een verklaring heb ik niet, in het dorp en in de omgeving zijn ze vaak genoeg te zien. De ijsvogel heeft ook dit jaar niet gebroed in een van de drie ijsvogelwanden, waarschijnlijk zien we ze pas terug als de aantallen na de strenge winters voldoende hersteld zijn in de omgeving (met geschiktere broedplaatsen).

De havik is de afgelopen jaren met een opmars in Nederland bezig (toename richting westen van het land). Tijdens de tellingen heb ik dit jaar twee keer een havik in een dode boom aan de rand van het bos in het Polderreservaat gezien. Ook op waarneming.nl wordt steeds vaker een havik gemeld bij Kockengen.